Een goede RI&E heeft oren en ogen op de werkvloer nodig

Een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) is veel meer dan een vragenlijst die eens in de paar jaar wordt ingevuld. Het is een hulpmiddel om veilig en gezond werken voortdurend te verbeteren. En daarvoor zijn oren en ogen op de werkvloer nodig om te weten wat er echt speelt.

Chantal Renardel de Lavalette is arbeidshygiënist en coördinator RI&E bij Maastricht UMC+ en voorzitter van de werkgroep RI&E van de gezamenlijke umc’s (UMCNL). Dit jaar richt de werkgroep zich vooral op het actualiseren van de gezamenlijke RI&E-vragenlijsten en het delen van kennis over de inrichting van het RI&E-proces. “We hebben ook onderzocht of de umc’s nog door willen met één gezamenlijk digitaal RI&E-instrument”, vertelt Chantal. “De conclusie was dat de meerwaarde daarvan te beperkt is. De gezamenlijke kracht zit niet zozeer in de software, maar in de inhoud van de vragenlijsten en in de kennis die we met elkaar delen.” De werkgroep bekijkt momenteel hoe de vragenlijsten eenduidiger, logischer en beter leesbaar kunnen worden. Voor de inhoud van de vragenlijsten wordt samengewerkt met de landelijke werkgroepen die verantwoordelijk zijn voor de specifieke arbothema’s, zoals fysieke belasting of gevaarlijke stoffen. De vragenlijsten zijn beschikbaar voor alle umc’s en kunnen in het eigen RI&E-softwaresysteem worden geplaatst. De vragen zijn eventueel nog aan te vullen met umc-specifieke vragen.

Waardevolle inzichten

Hoewel ieder umc het proces anders organiseert, kunnen de umc’s veel van elkaar leren. De werkgroep wisselt ervaringen uit over onder meer de inzet van deskundigen en succesvolle manieren om medewerkers te betrekken. Sommige umc’s voeren een volledige RI&E uit, terwijl andere jaarlijks één specifiek onderwerp uitdiepen, zoals gevaarlijke stoffen of fysieke belasting. Ook dat soort verschillen levert waardevolle inzichten op.

Risico’s eerder signaleren

Volgens Chantal is er ook nog veel winst op de werkvloer zelf te halen. “Op veel afdelingen zijn collega’s aanwezig die oog en oor hebben voor veilig en gezond werken. Denk aan ergocoaches, collega’s die meedenken over de veilige invoering van nieuwe apparatuur, medewerkers met kennis van gevaarlijke stoffen of collega’s die incidenten analyseren. Zij leveren allemaal een bijdrage aan veilig en gezond werken, al zien zij hun bijdrage vaak niet zo. Hun kennis is juist onmisbaar.”

Daarom onderzoekt Maastricht UMC+ hoe deze medewerkers beter bij de RI&E zijn te betrekken. Een eenvoudig voorbeeld is het gebruik van een tillift. Wanneer een patiënt onverhoopt uit bed valt, tillen collega’s de patiënt soms samen op omdat de tillift niet direct beschikbaar is. Dat lijkt praktisch, maar vergroot wel de fysieke belasting.

“Zo’n situatie laat zien dat het niet alleen gaat om hulpmiddelen, maar ook om hoe het werk is georganiseerd. Als medewerkers dit soort knelpunten signaleren, kunnen we samen zoeken naar verbeteringen. Door bestaande kennis op de afdelingen meer te verbinden, zien we risico’s eerder, kunnen we sneller verbeteringen doorvoeren en hoeven we minder te reageren op incidenten”, besluit Chantal. “De RI&E helpt daarbij. Voor een goede RI&E zijn de collega’s op de werkvloer een belangrijke bron van informatie. Draagvlak en een goede ondersteuning van de leidinggevende bepalen vervolgens of de RI&E een succes wordt. Door ieder jaar het gesprek met de afdeling aan te gaan over de voortgang van het plan van aanpak borg je de RI&E.”

Meer info: Chantal Renardel de Lavalette, arbeidshygiënist en coördinator RI&E bij Maastricht UMC+ en voorzitter van de werkgroep RI&E van UMCNL, chantal.renardel.de.lavalette@mumc.nl

Cartoon afbeelding verzorger en cliënt